Op een lenteachtige dinsdagochtend kom ik voor het eerst rond kwart voor twaalf in het plaatselijke koffietentje waar je ook kunt lunchen. Het ziet er knus en vooral redelijk leeg uit. Er is plek bij een deur. Daar zit ik graag als ik ergens eet en ik bestel in alle rust een koffie en een belegd broodje.
Alle positieve vinkjes kunnen worden afgevinkt. Er zijn voldoende prikkels, er is genoeg informatie want ik kan zonder afleiding de menukaart lezen.
Ik zie wie binnen zit en dat is fijn. Ik hoef niet te schakelen want voor mijn koffie wordt gezorgd. Mijn batterij is nog redelijk vol zeker als ik zo een kop koffie krijg.
Dan komt het volgende stel binnen en die bestellen ook. Daarna een gezin met kinderen. Op een gegeven moment is het vol want iedereen wil natuurlijk lunchen bij het leuke koffietentje op de hoek. Het is er niet duur dus ik snap dat wel.
Mijn hoofd raakt voller. Ik hoor allerlei gesprekken, de muziek staat aan en het geluid van de koffiemachine gaat ook vrolijk door…
Kortsluiting
De serveerster brengt inmiddels mijn broodje kaas. Ik zie gelijk dat er geitenkaas in plaats van Goudse kaas op zit en dat lust ik niet. Door de overprikkeling durf ik niet te vragen of ik een ander broodje mag.
Ik begin aarzelend aan mijn broodje. Brr wat smaakt dat vies. De geluiden zwellen steeds meer aan en oh ja, natuurlijk ga ik even opzij met mijn stoel want er wil iemand langs met een kinderwagen.
Shutdown
Ondertussen voel ik mezelf steeds kleiner worden in mijn stoel. Schakelen lukt niet meer.
Mijn koptelefoon ben ik vergeten dus ik kan mij niet afsluiten van de rest van het gezelschap.
Een uur later zit ik er nog. Mijn hoofd voelt vuurrood aan. Mijn broodje heb ik uit beleefdheid half opgegeten. Ik staar naar een schilderij op de muur die ik inmiddels wel zelf kan tekenen.
Wat kan ik nu doen?… Afrekenen en weggaan. Dat klinkt concreet maar als je in de shutdown zit dan lukt dat niet. Op een gegeven moment vraagt de serveerster of ik nog wat wil drinken. Ik schreeuw het bijna uit. Nee, maar wel de rekening graag.
Maskeren
Ik geef fooi ondanks dat ik een fout broodje heb gekregen omdat ik in mijn ogen onvriendelijk ben naar de serveerster.
Eindelijk kan ik opstaan. Het aantrekken van mijn jas lukt niet. Na 5 minuten die langer lijken te duren dan het hele bezoek sta ik buiten. De tranen lopen intussen over mijn wangen. Wat een koffie en een lekker broodje had moeten zijn werd een nare ervaring.
De volgende factoren komen in dit voorbeeld terug;
Er verandert iets aan de situatie; er komen onverwachts bezoekers binnen;
Ik ben onvoldoende voorbereid op onverwachtse situaties; zoals bv mijn eerste bezoek, meer bezoekers, het geluid van kinderen
Onvoldoende schakeltijd; de extra prikkels zorgen ervoor dat ik bevries
Doordat ik geen oplossing heb val ik stil; handelen lukt niet meer.
Ik beland in een shutdown.
De kans dat ik in een shutdown beland is meestal de eerste keer groter dan een volgende keer. Informatie ontbreekt nog in mijn brein en ik weet niet precies waarop ik mij precies kan instellen.
Ik heb mezelf aangeleerd dat ik van tevoren mezelf kan voorbereiden. Met andere woorden, alles wat ik van tevoren al kan weten wordt voorspelbaar. Zo kan ik mij beter instellen op de onverwachtse onvoorspelbare situaties.
Bijvoorbeeld door de menukaart al vooraf op de website te lezen om keuzestress te verkleinen.
Kan ik een broodje meenemen en op een bankje opeten?
Of misschien kom ik voor alleen een lekker bakkie koffie met een ook wel erg lekker stukje taart op een ander rustiger tijdstip.
In dit geval had ik mijn broodje to go meegenomen… Het zonnetje schijnt namelijk prachtig.
(c) Studio Jolan 2025

Plaats een reactie